Wat een gezin, een organisatie en een oorlog met elkaar gemeen hebben
Van rugklacht tot oliecrisis: hetzelfde mechanisme, een andere schaal
Iemand logt in op Zoom en ik zie het meteen: gespannen blik, snel reagerend. Een andere cliënt belt me op en vertelt dat hij al een week niet goed slaapt. En ondertussen escaleert in het nieuws een conflict dat heel veel mensen raakt die er niets mee te maken hebben.
Drie situaties op totaal verschillende schalen: een gezin, een organisatie, een geopolitiek conflict. De schaal verschilt. Het mechanisme niet.
Wanneer iemand de spanning niet kan dragen, exporteert hij haar. Naar wie ertussenin zit. Naar wie minder macht heeft. Naar wie het minst kan terugduwen.
Dat gebeurt eerst bijna onmerkbaar. Dan wordt het voelbaar. En uiteindelijk reageert het systeem zelf: een dochter die zich terugtrekt, medewerkers die vertrekken, een oliecrisis die zich verspreidt naar voedselketens en economieën ver buiten het conflict. De eerste effecten zijn meestal zichtbaar. Maar de tweede- en derde-orde gevolgen blijven vaak buiten beeld, omdat het bewustzijn ontbreekt om ze te zien.
In deze blog probeer ik die verbinding zichtbaar te maken.
Uit de berg: wat er gebeurt als spanning te groot wordt
Voordat de drie situaties aan bod komen, is het zinvol om het mechanisme zelf te begrijpen dat eraan ten grondslag ligt.
Spanning op zichzelf is niet het probleem. Het wordt pas problematisch wanneer iemand haar niet meer kan dragen en haar wegdrukt, exporteert of erin verdwijnt.
Spanning wil ergens heen.
In mijn werk gebruik ik daarom het beeld van de berg in jou: de plek van waaruit je spanning kunt voelen zonder er meteen op te reageren. Je staat als het ware in het landschap. Je voelt de storm razen, maar je wordt er niet door meegesleurd. Zoals een berg geen millimeter van zijn plek komt wanneer de storm overtrekt.
Vanuit die plek handel je niet vanuit de brandende spanning zelf, maar vanuit een rustiger laag eronder. Je blijft bij jezelf terwijl er iets schuurt. Zie ook: Als woorden niet meer werken en je elkaar onderweg kwijtraakt.
Dat vraagt drie dingen tegelijk:
Bewustzijn van wat er in jezelf beweegt: wat voel je, wat wil je, wat trekt je uit je evenwicht?
Bewustzijn van de context waarin je je bevindt: welke krachten spelen er, wie heeft welke belangen, wat vraagt de situatie werkelijk van je?
Het vermogen om aanwezig te blijven bij wat er nu werkelijk is, in plaats van bij het verhaal dat de mind erover maakt.
Leiderschap, in de kern, gaat over precies deze drie: zelfbewustzijn, contextbewustzijn en zijnsbewustzijn.
Niet als vaardigheden die je traint, maar als vermogens die vanzelf beschikbaar komen als je in je berg zit. Wie uit zijn berg is, verliest ze alle drie tegelijk: het contact met zichzelf, het zicht op de werkelijkheid om hem heen, en de verbinding met het nu.
Wanneer die verbinding verdwijnt, schiet iemand in een overlevingspatroon. Hij valt de ander aan, of zichzelf, of verdwijnt in verklaringen en analyses, of haakt af. Elk van die bewegingen probeert de spanning te reguleren. Maar geen ervan brengt iemand werkelijk terug in contact met wat er speelt. In het hoofd ontstaat dan een realiteit die gebaseerd is op oude ervaringen en aannames, niet op wat er in het moment gebeurt.
Wat ik in de voorbeelden hieronder telkens zie: in conflicten zijn meestal beide partijen uit hun berg. Allebei handelen ze vanuit een overlevingspatroon, niet vanuit verbinding met zichzelf.
Zonder die verbinding pakt handelen bijna altijd destructief uit, voor jezelf, voor de ander, of voor het systeem waarin je leeft. Hoe groot die schade wordt, hangt af van de context: hoeveel macht iemand heeft om zijn spanning te exporteren, en in hoeverre hij zelf de gevolgen daarvan hoeft te dragen.
Drie contexten, één patroon
Hetzelfde mechanisme tekent zich af op drie schalen: in een gezin, in een organisatie, en op het wereldtoneel.
1. In een gezin: het lichaam houdt bij wat het bewustzijn loslaat
“Het gaat niet goed met me,” zegt Lieke. “Ik ben net ook door m’n rug gegaan.”
Haar rug speelt al weken op. Ze is gescheiden. Haar kinderen pendelen tussen twee werelden. Haar ex houdt zich niet aan afspraken en stelt zichzelf consequent op de eerste plaats. Ze heeft weinig grip op deze situatie en voelt dat. Meer dan tien jaar heeft ze geprobeerd het samen op te vangen. Nu doet ze het alleen, en haar lichaam houdt bij wat haar bewustzijn lange tijd heeft weggedrukt.
Wat Lieke in eerste instantie niet ziet, is hoe sterk haar blik op de situatie wordt gekleurd door wat ze verwacht, vreest en al eerder heeft meegemaakt. De werkelijkheid in het nu is anders dan het verhaal dat ze erover draagt.
In ons werk samen wordt langzaam zichtbaar wat er onder de rugklacht zit: een druk op haar borst, tranen die hoog zitten, een vertrouwde zwaarte. “Ik heb dit gevoel al zo lang ik me kan herinneren.”
De kinderen zitten ertussenin. Ze absorberen dagelijks wat er boven hen speelt en leren onbewust dat spanning iets is wat je doorgeeft. Je ziet het in hun gedrag: kleine uitbarstingen, terugtrekken, te vroeg volwassen worden.
Langzaam ontdekt Lieke iets pijnlijks: de frustratie die ze niet naar haar ex kan uiten, lekt onbewust richting haar dochter. Niet als aanval, maar als druk, als spanning die geen andere uitweg vindt. Haar dochter voelt dat. Ze past zich aan, wordt voorzichtiger met wat ze deelt, of bijt juist van zich af om haar eigen ruimte te beschermen. Beide reacties doen precies wat Lieke het meest vreest: het contact wordt dunner. Dat is het 2e-orde effect.
Het 3e-orde effect reikt verder. Wat kinderen leren in hun gezin van herkomst nemen ze mee als blauwdruk. Een dochter die heeft geleerd dat de emoties van haar moeder ook haar verantwoordelijkheid zijn, draagt dat patroon later haar eigen relaties in. Niet omdat ze dat wil, maar omdat het vertrouwd voelt. Loyaliteit reist zo van generatie op generatie, onzichtbaar en onbedoeld.
Haar lichaam kon dat niet blijven dragen. De rugklacht, de ingehouden boosheid, de pijl die steeds naar binnen ging: op een gegeven moment besefte ze dat ze hier niet alleen uit kon komen. Dat besef bleek de opening.
Toen Lieke ophield met sturen en begon te voelen wat er werkelijk was, verschoof er iets. Niet omdat de situatie veranderde, maar omdat zij anders in de situatie ging staan. Zodra we begonnen te kijken naar wat zij zelf onbewust deed, wat ze inslikte, hoe ze reageerde, wat ze vermeed, veranderde er ook iets in de context. Haar dochter voelde dat. En kwam op een avond zomaar naar haar toe.
Soms is op je handen blijven zitten de krachtigste beweging.
2. In een organisatie: twee overlevingspatronen die elkaar versterken
Thomas heeft de organisatie meer dan tien jaar geleden zelf opgericht. Dan komt er een medebestuurder bij met een stijl die haaks staat op de zijne: directief, controlerend, weinig ruimte latend.
Wie hem meemaakt, ziet iemand die zijn positie moeilijk vasthoudt. Hij brengt iets in, beweegt mee als de druk oploopt en komt er later weer op terug. Om later wéér van positie te veranderen. Dat voelt voor anderen als draaien.
Als je je inleeft in hem ziet het er heel anders uit. Thomas probeert telkens te doen wat goed is voor de organisatie. Zijn intenties kloppen. Maar zodra het schuurt, verliest hij de verbinding met zichzelf. De spanning wordt te groot en hij past zich aan. Als de spanning later zakt, probeert hij alsnog te staan voor wat hij belangrijk vindt. Maar tegen die tijd is de dynamiek alweer verschoven. Intussen verhardt de medebestuurder: vasthouden, controleren, de eigen lijn doorzetten. Twee overlevingspatronen die elkaar versterken, en ze raken elkaar steeds meer kwijt.
Het gevolg is dat er geen gedeelde werkelijkheid meer lijkt te bestaan.
Medewerkers voelen dat. Ze gaan vragen stellen, roddelen of mijden het contact. De energie lekt langzaam weg. Dat zijn de eerste signalen. Het 2e-orde effect is een cultuur die langzaam vergiftigt. Het 3e-orde effect is een organisatie die haar ziel verliest, of uiteindelijk uit elkaar valt onder het gewicht van onbenoemde spanning.
Wat Thomas zich bewust van wordt, is iets wat bij Lieke anders lag: hoe meer mensen de context kunnen beïnvloeden, hoe kleiner zijn eigen invloed wordt. Lieke kon haar gezin direct raken door zelf te veranderen. Een organisatie met meerdere bestuurders en tientallen medewerkers werkt anders. De systeemkrachten zijn groter, trekken sterker, en vragen meer van het vermogen om in je berg te blijven staan.
Maar er gebeurt nog iets anders, iets wat Thomas aanvankelijk niet had verwacht. Doordat hij een stap terug heeft gezet, ontstaat er ruimte om naar zichzelf te kijken. Waar komt die neiging tot conflictvermijding eigenlijk vandaan? Langzaam herkent hij het in zijn gezin van herkomst, in wat hij daar leerde over hoe je spanning draagt, of juist niet draagt. Dat is geen prettige ontdekking. Maar wel een waardevolle. Want wie begrijpt waar een patroon begint, kan het doorbreken voordat het zich opnieuw herhaalt, in een volgende organisatie, of in zijn privéleven. Dat is het onverwachte cadeau van een crisis die groot genoeg was om niet meer te negeren.
Blijft Thomas bij zichzelf, dan verschijnt een andere vraag: dient het hem om zijn informele macht als oprichter in te zetten in een strijd die hij eigenlijk niet wil voeren? Ook hier geldt: soms is op je handen blijven zitten de krachtigste beweging. Grenzen aangeven waar nodig. En als de ander haar aandeel niet wil oppakken: de eer aan jezelf houden.
Dan blijkt soms dat de botsing vooral een signaal was van iets wat hij zelf al langer voelde: dat het tijd was om los te laten wat ooit klopte, maar nu niet meer. Niet als ontsnapping, maar als resultaat van zorgvuldig zelfonderzoek, waarbij hij bewuster geworden was van zijn eigen aandeel in de situatie en de berg in zichzelf weer had gevonden. Wie loslaat zonder dat voorwerk, neemt het patroon mee naar de volgende context.
Wie loslaat om te ontsnappen, komt zichzelf opnieuw tegen in een nieuwe context.
3. Op wereldschaal: wie de rekening betaalt
Wat in een gezin al pijnlijk kan zijn en in een organisatie ontwrichtend wordt, krijgt op wereldschaal een explosieve dimensie.
In Washington en Jeruzalem wordt gekozen voor militaire escalatie richting Iran. Wie de afgelopen week heeft gevolgd hoe Trump communiceert, ziet iets opvallends: het doel van de oorlog verschuift voortdurend. De ene dag gaat het om nucleaire dreiging, dan om regime change, dan weer om olie. Dat oogt minder als een consistente strategie dan als reageren op de spanning van het moment. In een eerdere blog beschreef ik hoe bij een uitgesproken narcistische structuur realiteit geen gedeelde bodem meer is maar een bedreiging: Trump begrijpen? Dat is precies het probleem. Feiten en instituties worden gerespecteerd zolang ze macht bevestigen. Zodra ze die macht ondermijnen, worden ze aangevallen of verdraaid. Er is dan geen innerlijk anker meer, geen berg om op terug te vallen.
Netanyahu verhardt op een andere manier: een consistente lijn van eigenbelang, gevoed door een geschiedenis van collectief trauma waarbij de gevolgen voor anderen structureel buiten beeld blijven. Twee reacties. Eén mechanisme.
Het verschil met de eerdere voorbeelden is de schaal van de macht. Lieke voelt haar machteloosheid in haar lichaam. Thomas twijfelt of hij zijn macht wel wil inzetten. Trump en Netanyahu beschikken over macht in extreme mate, en over een structuur die geen zelfreflectie toelaat. Zij bepalen wie de rekening betaalt. Dat zijn niet zij.
Wie de spanning niet kan dragen, geeft haar door.
Wie macht heeft, bepaalt wie haar betaalt.
Daar zit een paradox in. Hoe meer macht iemand heeft, hoe groter ook de systeemkrachten zijn die op hem inwerken. Een president of premier staat niet boven het systeem, hij staat er middenin, omringd door adviseurs, bondgenoten, binnenlandse politiek, historische narratieven en publieke verwachting. Dat vraagt buitengewoon veel van het vermogen om in je eigen berg te blijven staan.
Obama belichaamde mijn inziens dat vermogen beter dan de meeste leiders van zijn tijd. Niet omdat hij geen fouten maakte, maar omdat hij zichtbaar bleef nadenken, twijfelen, afwegen. De berg was in hem herkenbaar aanwezig. Hij wist vaak weerstand te bieden aan de verleiding om in de actie te schieten.
Bij Trump ontbreekt dat anker. Niet als moreel oordeel, maar als waarneming van een structuur: wie nooit fouten toegeeft, heeft geen innerlijk kompas meer om op terug te vallen. Trump laat zich sturen door wat hij ziet als sterke leiders, door zijn achterban, door de dynamiek van het moment. Zonder berg is de context alles.
Hoe verder de gevolgen reiken
In het gezin beschadigt langzaam het contact tussen moeder en dochter. In de organisatie raakt de cultuur vergiftigd. Op wereldschaal ontstaan kettingreacties die zich door hele systemen verspreiden. Iran escaleert horizontaal en valt ook Golfstaten aan, wat de VS niet had verwacht. Mijnen worden gelegd in de Straat van Hormuz, waardoor die mogelijk maanden, zo niet jaren geblokkeerd blijft. Via de Straat van Hormuz loopt normaal gesproken ongeveer een vijfde van de wereldwijde oliestroom. Ter vergelijking: zo'n blokkade is groter zijn dan de vijf grootste oliecrises van de afgelopen halve eeuw bij elkaar.
Olievelden hebben tijd nodig om opnieuw op te starten, raffinaderijen raken beschadigd, transportketens moeten zich herorganiseren. Energie en meststoffen zijn voorwaarden voor voedselproductie. Als die duurder worden of wegvallen, mislukken oogsten. Voedselprijzen stijgen. In landen als Pakistan, Bangladesh en Egypte gaat een groot deel van het inkomen naar voedsel. Voor de meest kwetsbare groepen daar betekent een prijsstijging direct: het eten niet meer kunnen betalen. En Pakistan heeft kernwapens, een strategisch verdrag met Saudi-Arabië en een westgrens die nu grenst aan een oorlogsgebied.
Dan is er nog een tweede effect, subtieler maar dieper. Elk land dat toekijkt trekt zijn eigen conclusies. Iran onderhandelde. Iran werd aangevallen. De les die anderen daaruit trekken is niet dat diplomatie werkt, maar dat alleen kernwapens echte afschrikking bieden. Het non-proliferatieverdrag was al verzwakt. Dit conflict kan het definitief ontkrachten.
Dit zijn tweede-orde effecten: direct voortvloeiend uit het conflict, maar door de betrokkenen niet voorzien. Zelfs als morgen een staakt-het-vuren komt, duurt het minstens zestig dagen voordat de olieproductie weer op gang komt. We zitten nu al in een energiegedreven recessie.
De derde orde is wat daaruit volgt, en die laat zich per definitie niet voorspellen. Hongersnood of zelfs verdere nucleaire proliferatie: de keten is in beweging en niemand beheerst haar nog volledig. Maar ook een reële mogelijkheid: het instorten van het economische model van oliestaten in het Midden-Oosten, en van olieafhankelijke economieën als China en Oost-Azië. Dat laatste is precies waar sommigen in de VS op uit zijn en bereid zijn zeer ver in te gaan. Voor sommigen in Washington is dat een bewuste strategie.
En er zijn nog vele andere scenario’s mogelijk. Enige zekerheid is dat wie handelt vanuit spanning, zonder berg en zonder het vermogen om de gevolgen te overzien, met vuur speelt. Dat is geen pessimisme. Dat is realiteitsbesef.
Toch heeft de geschiedenis laten zien dat het ook anders kan. In oktober 1962 stonden Kennedy en Chroestsjov aan de rand van een nucleaire oorlog. Beide systemen duwden naar escalatie. Kennedy’s generaals wilden aanvallen. De Politburo wilde niet wijken. En toch vonden beide leiders op het beslissende moment de berg terug. Chroestsjov schreef Kennedy een brief buiten de officiële kanalen om. Kennedy negeerde zijn generaals. Twee mensen die onder maximale systeemdruk toch de verbinding met zichzelf niet volledig verloren.
“We never lost a battle in Vietnam, but we lost the war.” Wie in zijn berg zit, weet dat je een oorlog met Iran nooit kunt winnen.
De structuren om Trump heen belonen escalatie en bestraffen terughoudendheid. Iran heeft weinig te verliezen en volgt de tactiek van de verschroeide aarde. De geschiedenis bewijst dat dit mechanisme geen wet is. Maar de vraag is of er nu iemand is die die beweging kan maken.
De kracht van niet weten
In alle drie de situaties is de meest adequate beweging niet de meest actieve. Lieke stopt met sturen en haar dochter komt naar haar toe. Thomas neemt afstand van de strijd en er ontstaat ruimte om het patroon te zien. Op wereldschaal rijst dezelfde vraag: of escaleren altijd de verstandigste reactie is op spanning die je niet volledig kunt overzien.
Begrenzen zonder te escaleren is geen techniek. Het volgt vanzelf als je in je berg zit, in verbinding met jezelf. Vanuit die plek kun je in werkelijk contact treden met de ander, ook als die ander vijandig is of de grenzen blijft opzoeken. Je kunt zeggen wat je ziet, wat je wel en niet wilt, zonder dat de spanning jou overneemt. Dat is iets anders dan de spanning ontlopen. Het is haar dragen en er toch helder in blijven.
Twijfelen over wat te doen is geen zwakte. Het is het eerlijke antwoord op een complexe werkelijkheid. Wie zeker weet wat hij moet doen in een situatie die hij niet volledig kan overzien, overschat zichzelf.
Dat vraagt wel iets. Een narcist kan niet in zijn berg verwijlen, want kwetsbaarheid voelt levensbedreigend voor zijn systeem. Iemand met veel onverwerkt trauma ook niet, want de berg is bezet door oude angst. Zij handelen vanuit een overlevingsmechanisme, niet vanuit keuze. Dat is geen excuus, maar het maakt de gevolgen niet kleiner.
Wie geen toegang heeft tot zichzelf, heeft ook geen toegang tot de werkelijkheid zoals die nu is.
Als een berg in de storm
Ik maak me zorgen om wat er geopolitiek gebeurt. Verdiepend bezoek van vrienden, zinvol en dankbaar werk doen, en uitzicht op bergen in Noorwegen, letterlijk en figuurlijk: dat is mijn eigen cirkel. Die twee werkelijkheden bestaan naast elkaar. Onrust over wat er buiten je invloedsfeer speelt, en rust in wat je zelf kunt dragen. En ook dat contrast moet je in jezelf houden, niet oplossen.
Wat me opvalt, is hoe veel mainstream media en politici in Nederland zich richten op de waan van de dag. De aandacht gaat naar wat er vandaag gezegd wordt, niet naar de gevolgen van wat er gisteren besloten werd. Die korte-termijnfocus bepaalt ook het handelen. Noorwegen doet dat anders, valt me op.
De 3e-orde effecten krijgen weinig aandacht, deels omdat ze speculatief zijn, deels omdat het ongemakkelijk is om ze te benoemen. De spanning wordt doorgeschoven naar regio’s, bevolkingen, toekomstige generaties, naar wie het minst kan terugduwen.
Er is maar één uitweg: terug de berg in. Al het andere riskeert onbedoeld olie op het vuur te gooien. In je privéleven, in je werk, of in de wereld. De schaal verschilt. Het mechanisme niet. En als iemand daar niet toe in staat is, is verdere escalatie met onvoorspelbare gevolgen het enige perspectief dat resteert.
De berg in mezelf is niet de oplossing voor wat er buiten speelt. Maar het is de plek van waaruit je de werkelijkheid kunt zien zonder meegesleurd te worden door angst of door de waan van de dag. Innerlijk werk verandert de wereld niet automatisch. Maar het is wat je staande houdt terwijl de storm door het systeem raast.
Want de wereld laat ons steeds duidelijker zien wat er gebeurt wanneer mensen hun eigen werk niet doen en bovenop de berg blijven zitten.
Niet als waarschuwing.
Eerder als spiegel.Leer daarom een berg te zijn in de storm.
ps. reageren? Dat kan ook via deze LinkedIn post over de blog.






