Zolang je in je hoofd leeft, herhaal je het verleden
Een podcast, een experiment, en wat zich liet voelen
Je snapt het al lang. Je hebt de boeken gelezen, de podcasts geluisterd, misschien zelfs therapie gedaan. Je weet waar het vandaan komt. En toch is daar weer die frustratie na een gesprek met je partner. Die neerslachtigheid die je niet goed kunt plaatsen. Dat gevoel dat contact met anderen net niet helemaal landt, of dat je jezelf erin kwijtraakt.
Dat is geen gebrek aan inzicht. Dat is wat er gebeurt als je vanuit je hoofd leeft. In deze blog laat ik zien wat er werkelijk gebeurde, via een experiment in een Leven Zonder Stress podcast met Patrick Kicken, en wat het bij ons allebei losmaakte.
Het hoofd herhaalt en filtert
Zolang je vooral denkt in plaats van voelen, ben je niet hier. Denken speelt zich altijd af in het verleden of de toekomst. Je bent bezig met wat er gisteren gebeurde of met wat er straks misschien misgaat. Wat veel mensen niet doorhebben: de toekomst die je hoofd construeert is altijd een extrapolatie van het verleden. Hetzelfde materiaal, andere verpakking. Dat verklaart waarom zoveel dingen zich blijven herhalen, ook als je het allang begrijpt.
Zolang je in je hoofd leeft, leef je ook in een gefilterde versie van de werkelijkheid. Je hoofd selecteert, kleurt en interpreteert voortdurend, en dat is niet toevallig. Het is evolutionair slim: zonder filter zou je verdrinken in prikkels. Je systeem leert dus snel wat gevaarlijk is, wat veilig is, wat je kunt verwachten.
Maar er zit een keerzijde aan. Hoe meer onverwerkte ervaringen eronder liggen, hoe sterker die filter werkt, of juist hoe poreuzer. Sommigen sluiten te veel af. Ze leven in een gecondenseerde, voorspelbare wereld en reageren niet meer op wat er werkelijk is, maar op wat ze verwachten, vrezen of al kennen. Anderen laten juist te veel binnen. Ze absorberen wat om hen heen leeft, voelen wat niet van hen is en raken chronisch overprikkeld door een werkelijkheid die nooit ophoudt. Beide zijn reacties op hetzelfde: een systeem dat heeft geleerd het nu niet te vertrouwen.
Je snapt het, en toch verandert er niets
De voor de hand liggende reactie is: meer begrijpen. Meer lezen, meer analyseren, meer duiden. En dat helpt, tot op zekere hoogte. Een label kan helpen om te herkennen waar je zit. In mijn blog Je bent niet je label schreef ik dat begrijpen en verschuiven twee verschillende dingen zijn. Je kunt je patroon perfect analyseren, weten waar het vandaan komt, het een naam geven, en toch verandert er weinig wezenlijks. Het hoofd extrapoleert verder op een gefilterde versie van de werkelijkheid, niet op de werkelijkheid zelf.
Daarvoor moet je dieper. Het lijf in.
Dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Want ergens in het verleden heeft je mind geleerd dat voelen gevaarlijk is. Niet als bewuste gedachte, maar als iets wat je lichaam heeft onthouden. En wat je lichaam heeft onthouden, laat het niet los op commando. Daarvoor heb je iemand nodig bij wie je zenuwstelsel zich durft te ontspannen, tot op celniveau. Vaak is het juist de spanning tussen veiligheid en het randje van het onbekende die de beweging in gang zet.
Eruit schieten
Maar veiligheid is een randvoorwaarde, geen doel op zich. Pas als je systeem zich durft te ontspannen, kan zichtbaar worden wat er onbewust speelt. Wat je triggert, wat je uit je lijf schiet, en wat je zonder het te weten herhaalt.
Dat begint altijd hetzelfde: er gebeurt iets dat iets aanraakt. Een blik, een toon, een situatie. En voor je het weet, ben je uit je lijf geschoten. Niet als bewuste keuze, maar als reflex. In een flits van een seconde. In de kern is het vrijwel altijd een angstrespons of een combinatie van angst en geblokkeerde energie.
Je schiet naar je hoofd en begint een van je overlevingspatronen uit te leven. Ook om niet te voelen wat er net aangeraakt werd. Je hoofd doet dan wat het altijd doet: filteren, interpreteren, herhalen vanuit het verleden. Zoals ik eerder beschreef, ben je dan per definitie niet meer in het nu. Zoals ik in meerdere blogs beschrijf, waaronder Als woorden niet meer werken, zijn er vier richtingen: aanvallen, verdedigen, opgeven of de pijl naar binnen keren en jezelf de schuld geven. Vier verschillende bewegingen, maar allemaal vertrekken ze vanuit hetzelfde: je bent even niet meer in verbinding met jezelf.
Wanneer er ruimte ontstaat om dit te herkennen, begint er iets te verschuiven. Hoe dat werkt gaat verder dan deze blog, maar het begint altijd met hetzelfde: even stoppen, vertragen en voelen voordat de reflex het overneemt.
Het experiment met Patrick
Een paar weken geleden zat ik tegenover Patrick Kicken voor de opname van een tweede gesprek in zijn podcast Leven zonder stress, die gisteren online is gekomen. Ik had hem van tevoren gevraagd of hij in was voor een experiment. Of we op een gegeven moment de rollen konden omdraaien. Hij als degene die iets inbrengt, ik als begeleider.
Hij was er meteen voor.
Een rol geeft houvast. Als interviewer weet je wat je doet. De rol beschermt je ook tegen kwetsbaarheid, want het gaat niet over jou. Maar het houdt ook iets op afstand. Door zijn interviewrol neer te leggen en iets echts in te brengen, maakte Patrick ruimte voor een ander soort gesprek. En ik kon vanuit mijn begeleidersrol doen wat ik doe: kijken wat er beweegt en daarnaartoe gaan.
Halverwege bracht hij iets in wat hem bezighoudt, een situatie thuis die hem had geraakt. Terwijl hij vertelde, merkte ik een verschuiving. Niet in wat hij zei, maar eronder.
Wat er werkelijk gebeurde
Hij beschreef een conflict met de oudste zoon van zijn vriendin. Hoe hij was uitgevallen, harder dan de situatie vroeg. Ik vroeg hem wat hij nu in zijn lijf voelde als hij eraan terugdacht. Spanning in zijn buik, zei hij. Onrust. Zijn hoofd wilde meteen verklaren, maar ik nodigde hem uit om dat even te laten voor wat het was en bij de sensatie te blijven.
Daarna vroeg ik of dit gevoel hem iets herinnerde. Of er iets opkwam als hij zo in zijn lijf zat. In eerste instantie niet. Zijn systeem had even tijd nodig. De controleur was nog te actief. Het was nog te spannend om het onbewuste toe te laten. Pas in tweede instantie kwam er iets. Hij had als kind zijn moeder verdedigd tegen zijn vader. Dat kleine jongetje was er ook bij Tweede Paasdag aan tafel.
Hij had die link nog nooit eerder gelegd.
De lichamelijke sensatie is hetzelfde in beide situaties. Daarmee wordt zichtbaar dat verleden en heden aan elkaar vastzitten: wat er nu gebeurt raakt iets wat al veel langer in je systeem zit. De reactie die dan volgt is niet fout, maar wel buiten proportie. Je reageert niet alleen op wat er nu is, maar ook op wat er ooit was. En dat kost contact, met jezelf en met de ander.
Vanuit die herkenning konden we onderzoeken wat dat kleine jongetje destijds nodig had gehad. Wat er toen niet was en wat er nu alsnog gegeven kon worden. Dat is wat heelt: niet het begrijpen, maar het alsnog ontvangen. Als het systeem krijgt wat het zo heeft gemist, hoeft het er niet langer alert op te blijven. Maar dat gaat niet via het hoofd. Het vraagt een doorvoelde ervaring: het kleine kind in jezelf alsnog de geruststelling geven die het nooit heeft gekregen. Dat het nu wel oké is. Dat het veilig is. Soms is dat zo simpel als jezelf vasthouden, een zelfknuffel die het systeem doet geloven dat er iemand is. Want die behoefte is preverbaal: ouder dan woorden, ouder dan begrip.
De weg terug
In de podcast herkende Patrick iets. Door terug te gaan naar het moment en te voelen wat er in zijn lijf bewoog, viel er iets in. De verbinding met iets van vroeger. Niet als gedachte, maar als herkenning van binnenuit. Zijn lichaam wist het al. Het hoofd volgde pas later.
Juist die herkenning maakte het mogelijk om ook het nu weer helder te zien. Zijn reactie was overtrokken, maar niet onterecht. Hij was voor zijn vriendin opgekomen en dat klopte. Zijn vriendin gaf hem dat ook terug. Het verschil is niet of je reageert, maar of je reageert vanuit oud zeer of vanuit helder contact met wat er nu werkelijk speelt. Dat tweede is alleen mogelijk als je eerst weer in jezelf bent geland.
Het verleden kun je niet veranderen. Maar je kunt er wel op terugkomen. Sorry zeggen als dat klopt. En bewust blijven oefenen, met vallen en opstaan, zoals een kind leert lopen. Dat verandert de toekomst, niet in één keer, maar stap voor stap.
Hoe diep het kan gaan
Wat zou er gebeurd zijn als we meer tijd en ruimte hadden gehad? Geen camera, geen tijdsdruk, geen live publiek. Gewoon twee mensen, de ruimte om te vertragen.
Dat is geen retorische vraag. Ik zie het keer op keer in mijn sessies. Wat er mogelijk wordt als iemand zich echt veilig voelt en er ruimte is om te blijven, gaat veel dieper dan wat Patrick en ik konden aanraken. Tot op het niveau waarop woorden ophouden en het lichaam het enige archief is. Waar iemand in contact komt met de vroegste pijn: niet gezien worden, niet gehoord worden, alleen zijn op een moment dat je dat niet kon dragen.
Een paar dagen geleden had ik een sessie met een cliënte die dat raakte. Via een brainspottingproces kwamen we bij een preverbale laag. Niet via een herinnering die ze kon vertellen, maar via wat er in haar lijf bewoog. Een spanning in de keel, een druk op de borst, bewegingen die deden denken aan een heel jong kind. Ergens in dat proces viel er iets in: een baby die stopte met huilen omdat de moeder niet kwam. Ze benoemt het zelf: dit is het startpunt van alles.
Dat niveau bereik je niet met begrip. Je bereikt het door aanwezig te blijven bij wat er is, ook als het geen woorden heeft.
Wat ik zelf niet deed
Dat niveau bereiken vraagt iets van de begeleider. Dus nu ook van mij.
In het gesprek met Patrick probeerde ik een veld of holding te creëren. Niet door het te zeggen, maar door er volledig aanwezig in te zijn. Want mensen komen niet dichter bij zichzelf door harder te proberen. Ze komen dichter bij zichzelf als ze zich veilig genoeg voelen om op de rand van het onbekende te staan.
Niet er overheen. Dan sluit het systeem en kom je in overlevingspatronen terecht. Maar ook niet te voorzichtig, binnen de comfortzone, want dan kan er niets veranderen of verschuiven. Herken je dat?
Hoe effectief ik daarin ben, hangt niet af van wat ik doe, maar van hoe aanwezig ik ben. Hoe meer ik hier ben, hoe meer ruimte er ontstaat voor de ander om te landen. Dat is een zijnskwaliteit, geen techniek die je inzet. Dat vraagt om innerlijk werk en het trainen van je aanwezigheid, bijvoorbeeld door meditatie.
Bij Patrick voelde ik intuitief waar die rand lag, zoals ik dat bij iedereen probeer in te voelen en af te stemmen. En ik ging er niet overheen. Niet uit voorzichtigheid, maar omdat ik weet dat te veel druk averechts werkt. Het systeem sluit zich dan juist.
Er was ook iets anders. Op momenten waarop het spannend werd, merkte ik dat ik meebewoog met de energie van Patrick in plaats van bij mijn eigen kompas te blijven. Dat is wat ik versmelten noem: je verliest even de draad naar jezelf en volgt de ander. Je bent er nog, maar je bent ook een beetje weg. Van buitenaf is het nauwelijks zichtbaar. Je zegt nog steeds de goede dingen. Maar je zegt ze vanuit een andere plek. Is dat herkenbaar voor jou? Dat je erbij bent, maar ook een beetje afwezig bent?
Dat had voor mij ook te maken met de context. Iets in mijn systeem was nog niet helemaal op zijn gemak: een liveopname, een andere omgeving dan mijn eigen ruimte via Zoom. En ik voelde dat Patrick het spannend vond. Dat wilde ik honoreren. Maar het maakte ook dat ik net iets minder durfde. En daardoor ging het net iets minder diep.
Wat ik achteraf herkende
Het besef dat ik minder aanwezig was dan ik had gewild, activeerde achteraf ook mijn innerlijke criticus. Ik dacht terug aan het gesprek. Had ik scherper kunnen zijn op sommige momenten? Waarschijnlijk wel. Er waren plekken waar ik de diepte in had gekund en dat niet deed. Waar ik nog helderder had kunnen zijn.
Maar terwijl ik dat dacht, herkende ik ook iets. Die twijfel achteraf is zelf een beweging. Een stem die oordeelt over een keuze die in het moment klopte. Had je niet meer moeten durven? Was je niet te voorzichtig? Was het goed genoeg?
Het zijn altijd dezelfde stemmen. Niet mijn stem. Een oude stem die zich voordoet als mijn stem. Ouders, leraren, mensen die vroeger bepaalden of je goed genoeg was. Je hebt ze ooit overgenomen omdat je ze nodig had. Ze zijn blijven hangen, ook als de context allang veranderd is. En zodra je iets doet wat kwetsbaar of onzeker voelt, staan ze weer klaar.
Precies dat oefenen was ook een reden om deze podcast opnieuw te doen. Als oefening voor mezelf. Dit gaf Patrick me terug na ons eerste gesprek: mensen raken niet door wat perfect is, maar door wat echt is. Door te doen en te ervaren wat het bij anderen losmaakt, herprogrammeer je jezelf. Niet door het te begrijpen, maar door het te leven. Na onze eerste podcast merkte ik hoe dat werkt. Veel mensen meldden zich aan, niet omdat het perfect was, maar omdat het echt was. Die spiegel van anderen, dat is wat je systeem doet geloven dat het anders kan.
Op de rand, voorbij een rol
Die veiligheid om echt te zijn, dat ervoer ik ook in het gesprek met Patrick; hij creëerde bij mij veiligheid. Zijn rustige stem, zijn openheid, zijn oprechte interesse. Ook ik heb een veilige omgeving nodig om er echt te kunnen zijn. Geen toeval dat we een jaar later weer tegenover elkaar zaten.
Gaandeweg het gesprek werden we gewoon twee mensen die hetzelfde herkenden. Geen coach en gesprekspartner, maar twee mensen die allebei weten hoe het is om ergens mee te worstelen. Precies wat ik eerder beschreef: ook ik werd geraakt, ook ik verloor soms even de draad naar mezelf. Dat is gelijkwaardigheid. Soms kies je er bewust voor, soms ontstaat het gewoon. Maar het vraagt altijd iets: jezelf ook zichtbaar maken.
Dat vraagt om uit je rol te stappen. Een rol geeft controle en daarmee een vorm van veiligheid. Maar het houdt ook iets op afstand. Gelijkwaardigheid niet. Je weet niet wat er komt, je bent zelf ook zichtbaar. Dat is spannender. Het betekent ook dat je positie kwijtraakt. Dat er verwarring kan ontstaan. Dat je zelf geraakt wordt op een manier die je niet had verwacht. Niet omdat het makkelijk is, maar omdat het veel kwetsbaarder is. En juist daarin ontstaat echte ontmoeting, in de kwetsbaarheid, zonder dat één van ons boven of onder de ander staat. Minder controle, meer contact.
Ik oefen daar bewust mee. Op de rand van het onbekende, want daar leer ik, daar groei ik. Niet door het te begrijpen, maar door het te ervaren. Met iemand bij wie je je voldoende op je gemak voelt, ook als het ongemakkelijk wordt. Daarmee ‘herprogrammeer’ je je zenuwstelsel.
Aan het einde zeiden we allebei hetzelfde, zonder dat we het hadden afgesproken. Dat we ons niet meer hoeven te bewijzen. Voor mij voelde dat als de reden waarom ik dit soort dingen doe. Niet omdat het moet, niet om iets te laten zien, maar omdat ik er zin in had. Omdat het voelt als leven vanuit vrijheid in plaats van vanuit druk.
Misschien herken jij dat ook. En handel je er ook naar?
Ik ben blij dat ik mijn impuls heb gevolgd en Patrick heb benaderd om weer een podcast met hem te doen. Het was voor mij een mooie ervaring die ik niet had willen missen. En weer een die me veel heeft gebracht. Dank je wel, Patrick. Tot volgend jaar?
Hieronder ons gesprek op Youtube. Je kunt het interview ook beluisteren via Apple Podcasts of of Spotify.






Dank je voor deze mooie beschrijving, Lars. Ik herken veel van hoe ik contact met cliënten ervaar en hoe sessies kunnen verlopen. Ik heb nog nooit overwogen om het onder woorden te brengen en nu lees ik het bij jou. Heel fijn.