Wanneer heeft je AI je voor het laatst tegengesproken?
Als het antwoord nooit is, zegt dat niks over jou. Elf geteste modellen bevestigden hun gebruikers bijna de helft vaker dan mensen dat deden, en één gesprek was al genoeg om proefpersonen zekerder van hun eigen gelijk te maken.
Over wat AI verrassend goed doet als je jezelf wilt onderzoeken, waar het je juist in de weg gaat zitten, en hoe je het weer scherp krijgt.
Lars, wat een mooi stuk! Je zet me echt aan het denken waarin een mens het verschil kan maken, zowel in positieve als negatieve zin. Het helpt ook om de relatie uit het comminfactor model beter te begrijpen en te duiden. Te vaak wordt dat een black box. Arno
Dank je Arno. Precies, er zitten twee kanten aan. De kunst is om ze allebei te zien, het positieve en de schaduwkant, net als bij persoonlijke ontwikkeling.
Je punt over de black box klopt, en er zit denk ik een reden onder. Wampold laat zien dát de kwaliteit van de relatie de uitkomst voorspelt, sterker dan techniek of school. Omdat het zich slecht laat meten, is het ook het lastigste deel om aan te tonen: een transcript legt vast wat er gezegd wordt, niet wat er in een stilte gebeurt. Die vier factoren zijn mijn poging de doos open te maken, uit mijn eigen sessies en niet uit onderzoek. Daar valt nog veel meer over te zeggen, to be continued.
Het is in Wampolds model niet duidelijk wat maakt dat er kwaliteit is in de relatie en wat in de relatie of preciezer in het relationeel werken er aan mechanismen ‘gevuurd’ worden. Zonder deze verder uitwerking wordt de therapeutische relatie een toverwoord. De relatie wordt in het model causaal gemaakt en de vraag is of dat wel kan. Zie ook realistisch evalueren.
Scherp, en op het causale punt geef ik je gelijk. In het essay schrijf ik het ook: de richting van het verband is omstreden, want een goede relatie kan net zo goed het gevolg zijn van vooruitgang die al was ingezet.
Op het mechanismepunt zou ik één nuance maken. Wampolds contextual model noemt wel drie routes: de echte relatie, verwachting via een plausibele verklaring, en het in gang zetten van gezonder gedrag. Maar een route is nog geen mechanisme. Waar het precies op aangrijpt, blijft open.
Mijn vier factoren lossen dat niet op, ze verplaatsen het. Congruentie en aanwezigheid kunnen net zo goed woorden worden die alles verklaren en daarmee niets. Wat ze wel doen is de omstandigheden binnenhalen. Dezelfde vraag werkt op minuut veertig en niet op minuut vijfentwintig, en of herstel na een breuk landt hangt af van wat eraan voorafging. En daar gaat realistisch evalueren nou juist over.
Lars, wat een mooi stuk! Je zet me echt aan het denken waarin een mens het verschil kan maken, zowel in positieve als negatieve zin. Het helpt ook om de relatie uit het comminfactor model beter te begrijpen en te duiden. Te vaak wordt dat een black box. Arno
Dank je Arno. Precies, er zitten twee kanten aan. De kunst is om ze allebei te zien, het positieve en de schaduwkant, net als bij persoonlijke ontwikkeling.
Je punt over de black box klopt, en er zit denk ik een reden onder. Wampold laat zien dát de kwaliteit van de relatie de uitkomst voorspelt, sterker dan techniek of school. Omdat het zich slecht laat meten, is het ook het lastigste deel om aan te tonen: een transcript legt vast wat er gezegd wordt, niet wat er in een stilte gebeurt. Die vier factoren zijn mijn poging de doos open te maken, uit mijn eigen sessies en niet uit onderzoek. Daar valt nog veel meer over te zeggen, to be continued.
Het is in Wampolds model niet duidelijk wat maakt dat er kwaliteit is in de relatie en wat in de relatie of preciezer in het relationeel werken er aan mechanismen ‘gevuurd’ worden. Zonder deze verder uitwerking wordt de therapeutische relatie een toverwoord. De relatie wordt in het model causaal gemaakt en de vraag is of dat wel kan. Zie ook realistisch evalueren.
Scherp, en op het causale punt geef ik je gelijk. In het essay schrijf ik het ook: de richting van het verband is omstreden, want een goede relatie kan net zo goed het gevolg zijn van vooruitgang die al was ingezet.
Op het mechanismepunt zou ik één nuance maken. Wampolds contextual model noemt wel drie routes: de echte relatie, verwachting via een plausibele verklaring, en het in gang zetten van gezonder gedrag. Maar een route is nog geen mechanisme. Waar het precies op aangrijpt, blijft open.
Mijn vier factoren lossen dat niet op, ze verplaatsen het. Congruentie en aanwezigheid kunnen net zo goed woorden worden die alles verklaren en daarmee niets. Wat ze wel doen is de omstandigheden binnenhalen. Dezelfde vraag werkt op minuut veertig en niet op minuut vijfentwintig, en of herstel na een breuk landt hangt af van wat eraan voorafging. En daar gaat realistisch evalueren nou juist over.